Het zenuwstelsel wil je redden, zelfs als er niets te redden valt
Ons lijf kent één grote opdracht, overleven. Als er stress of dreiging is, dan komt het snelle stresssysteem in actie. En dat heeft geen tijd voor nuances. Net zoals een militair commandocentrum registreert het gevaar en activeert het een tegenreactie. Je hartslag versnelt, je ademhaling schiet omhoog, je spieren spannen zich aan, je denken vernauwt. Kalm nadenken stroomt via het afvoerputje weg. Reflexen springen in actie: vechten, vluchten of bevriezen.
Dit systeem is briljant! Het redt ons bij acuut gevaar. Maar, het is ook best grof. Het kent weinig onderscheid tussen een aanstormende grizzlybeer en een beoordelingsgesprek. Je brein detecteert ‘dreiging’, en het lichaam volgt met alles wat het heeft. Er is gevaar, er is angst. En je hele lijf bereidt zich voor op overleven door op topsnelheid te zoeken naar de snelste uitweg.
Het snelle stresssysteem
Vanuit het commandocentrum brein krijgt ons sympathische zenuwstelsel opdracht om direct te reageren op bedreiging. Dat voelen wij als stress en angst. En direct daarna zet het ons aan om daarop in actie te komen, gericht op wegblijven van het gevaar. Dat is angstmanagement. Dit systeem kan allerlei vormen aannemen. Soms schreeuwt het luid, soms fluistert het onderhuids, soms zet het alles maar helemaal stil. Wat het ook is, altijd probeert het je te beschermen.
Hoe het snelle stresssysteem werkt
Het snelle stresssysteem is onderdeel van ons autonome zenuwstelsel. Dat is het deel van ons zenuwstelsel dat we niet zelf kunnen beïnvloeden (hoewel, met ademhaling is het wel beïnvloedbaar, daar zijn meerdere oefeningen in dit boek op gericht). Het is betrokken bij de werking van je organen, spieren, bloedvaten, zweetklieren, pupillen, spijsvertering. Het bestaat uit twee delen: het parasympathische zenuwstelsel en het sympathische zenuwstelsel (ook wel parasympathicus en sympathicus genoemd).
Waar je parasympathicus zorgt voor rust en herstel, is de werking van je sympathicus gericht op leveren van energie en alertheid. Met je sympathicus kun je supersnel reageren, in fracties van seconden. Daarom heet dit systeem het snelle stresssysteem.
De sympathicus in actie
Wanneer je bedreigd wordt, als je snel moet handelen of om een andere reden actiegerichtheid nodig hebt, komt je sympathicus in actie. Vanuit de hersenen geeft de hypothalamus signalen af die via verbindingen met de amygdala en hypofyse er uiteindelijk toe leiden dat je bijnieren extra cortisol en adrenaline produceren. Dat zijn stresshormonen die je lichaam klaarmaken om in actie te komen.

Adrenaline werkt snel. Het verhoogt je hartslag, versnelt je ademhaling en spant je spieren aan. Cortisol houdt de stressreactie gaande door energie vrij te maken, bijvoorbeeld door de beschikbaarheid van brandstof (glucose) te verhogen. Cortisol zorgt ervoor dat je stemming, denken, geheugen en gedrag allemaal op het scherpst van de snede opereren.
Op korte termijn functioneel
Dat is op korte termijn functioneel, je kunt beter opletten en focussen. En dat is ook nodig, want de sympathicus wil één ding: risico vermijden. En daar heb je al je aandacht voor nodig. En precies daar kan het wringen met wat voor jou belangrijk is. Want dit angstmanagementsysteem kijkt niet naar waarden, betekenis of langetermijnrichting. Het kijkt alleen naar: weg hier. Daardoor kun je door dit systeem gedrag gaan vertonen dat je op het moment beschermt,
maar je op langere termijn juist van jezelf verwijdert.
Bron: Bang omdat het kan
Door: Rob Hermsen, Peggy Bouchoms





