In een tijd waarin maatschappelijke vraagstukken zoals het woningtekort en de klimaatcrisis als onoverkomelijke muren voor ons oprijzen, introduceert veranderkundige Hans Vermaak een even nuchtere als troostrijke metafoor: de lappendeken. In gesprek met Eduard van Brakel legt de auteur van ‘De logica van de lappendeken‘ uit dat de oplossing voor complexe ‘wicked problems’ niet verscholen ligt in grootschalige blauwdrukken of centraal leiderschap, maar juist in de optelsom van talloze lokale initiatieven. Door de focus te verleggen van machteloosheid naar verbindingswerk, schetst Vermaak een handelingsperspectief waarbij elke trambestuurder, beleidsmaker of bewoner een onmisbaar lapje toevoegt aan een groter, veerkrachtig geheel.
Wanneer we praten over racisme, de toeslagenaffaire of sociale ongelijkheid, vervallen we vaak in een reflex van ‘omhoog delegeren’. We kijken naar Den Haag en wachten tot een minister de knoop doorhakt. Volgens Hans Vermaak is dat echter een ‘doodgeboren weg’. Complexe vraagstukken zijn namelijk per definitie van iedereen en van niemand. Ze zijn ‘vernetwerkt ontstaan’ over decennia heen en zitten diep verankerd in onze infrastructuur, cultuur en dagelijkse gewoonten.

De frustratie dat er ondanks alle kennis vaak niets gebeurt, is herkenbaar. Vermaak stelt echter dat we de complexiteit vaak ‘plat slaan’ door te denken dat één persoon de bal heeft laten vallen. In werkelijkheid overziet niemand het geheel volledig. Juist daarom is de metafoor van de lappendeken zo passend: ‘Daar zijn allerlei vraagstukken en opgaven waar die voor iedereen een maat te groot zijn’. De samenhang komt niet voort uit een centraal ontwerp, maar uit de verbindingen tussen individuele ‘lapjes’.
De lokale actie praktijk
De basis van elke verandering ligt in wat Vermaak de ‘lokale actie praktijk’ noemt, afgekort tot LAP. Dit is jouw eigen territorium: de plek waar je dagelijks werkt, de mensen met wie je optrekt en de prestaties die je daar levert. Of je nu een restauranteigenaar bent die gasten een mooie avond bezorgt of een trambestuurder die de stad leefbaar houdt, daar ligt je primaire invloed.
Toch is enkel goed werk leveren in je eigen bubbel niet genoeg voor de grote vraagstukken. ‘Rond die vraagstukken waar we het over hebben die zo verknoopt zijn, speelt dat zelfs als je de mooiste dingen doet in je lokale actieplek je lapje, je zegt: ja, maar dat is niet genoeg voor dat vraagstuk’. Hier ontstaat de noodzaak voor verbindingswerk. Het is het weven tussen jouw lapje en dat van een ander, waardoor er organisch een netwerk ontstaat dat wél opgewassen is tegen de complexiteit.
Tips voor omgaan met grote vraagstukken
Op basis van het gedachtegoed van Hans Vermaak volgen hier drie concrete tips om invloed uit te oefenen op vraagstukken die groter lijken dan jezelf.
Tip 1: Denk in mogelijkheden, niet in oplossingen
In complexe situaties is het verleidelijk om direct naar een definitieve oplossing te zoeken. Vermaak waarschuwt dat oplossingen vaak suggereren dat we al precies weten wat gaat werken, terwijl verbindingswerk vraagt om een tastende aanpak. ‘In al dat verbindingswerk zit veel meer onzekerheid dan je eigen praktijk, omdat je gewoon heel veel niet weet en dat is helemaal niet erg’.
‘In al dat verbindingswerk zit veel meer onzekerheid dan je eigen praktijk, omdat je gewoon heel veel niet weet en dat is helemaal niet erg’.
In plaats van één groot masterplan te smeden, kun je beter een palet aan mogelijkheden verkennen. Kijk rond in je omgeving, noteer namen en ideeën, en kom tot wel honderd kleine opties. ‘Welke tien procent daarvan is het nou echt kansrijk?’. Door te werken met een stel kansgerichte acties in plaats van één rigide plan, ontstaat er ruimte voor ‘buitenkansjes’ en onvoorziene verbindingen. Het gaat erom dat je de sneeuwbal aan het rollen brengt door het netwerk heen.
Tip 2: Beoefen het schakelen tussen blinde vlekken
Een cruciale vorm van verbindingswerk is het schakelen. Dit gaat verder dan alleen praten met gelijkgestemden; het gaat over het overbruggen van verschillen tussen vakgebieden en instituties. Een beleidsmaker die huizen wil bouwen, heeft immers bewoners en bouwers nodig, maar die spreken elk een andere taal en hebben andere belangen.
Verbinding ontstaat wanneer je onderzoekt wat in jouw werk het werk van de ander remt of juist helpt. ‘Dat vraagt een soort vertalen, want daar hebben mensen volledig blinde vlekken op en dat is ook te begrijpen’, zegt Vermaak in de Boom Management Podcast. Dit proces is niet altijd harmonieus. Soms betekent schakelen dat je anderen moet confronteren met zaken die ze totaal niet in de gaten hebben. ‘Het is ook schurend’, zegt hij. Juist door dat schuren tussen verschillende silo’s, lagen en opgaven, zoals de koppeling tussen ouderenzorg en woningbouw, ontstaat de noodzakelijke vernieuwing.
Tip 3: Gebruik de kracht van het spitten
Voor de echt taaie vraagstukken is alleen spreiden en schakelen soms onvoldoende. Dan is er spitten nodig. Dit is een meer activistische vorm van verbinden die dieper graaft naar belangen, machtsstructuren en betekenisgeving. Het gaat om het onthullen van verborgen waarheden, zoals hoe zwaar autoverkeer gesubsidieerd wordt ten opzichte van het openbaar vervoer.
Spitten vraagt om de moed om de status quo uit te dagen in je eigen praktijk of in het publieke debat. Wanneer de heersende betekenis van een probleem verschuift, kunnen machtsstructuren pas echt gaan schuiven. ‘Als die betekenis niet schuift en daardoor ook machtstructuren en belangen niet schuiven, wordt het probleem onoplosbaar’, zegt Vermaak. Door te spitten leg je de kiem voor een systeemverandering die van onderop groeit.
Een deken zonder ontwerper
Het uiteindelijke doel van al dit verbindingswerk is niet dat er één iemand de ‘grote verbindingsofficier’ wordt. Dat zou de menselijke maat, die volgens Vermaak essentieel is om complexiteit recht te doen, onmiddellijk om zeep helpen. Het gaat erom dat iedereen vanuit zijn eigen plek leiderschap pakt en zijn lapje groter maakt.
Zo ontstaat een ‘rizoom’ of een ‘zwerm’: een weefwerk dat niet kapot te maken is door verkiezingen of financiële tegenwind, omdat het op duizenden plekken tegelijk verankerd is. ‘Er is geen lappendeken management, lappendekens ontstaan per ongeluk’. Het is een eenheid die schittert door haar verschillen en onvolkomenheden. In die chaos en kleurrijkheid van de lappendeken ligt niet alleen de logica, maar ook onze grootste kans op werkelijke verandering.
Beluister de podcast: De logica van de lappendeken met Hans Vermaak
Bron: Boom Management Podcast
Door: redactie Boom Management







