Jeroen Otter herkent een goede schaatser net iets sneller dan een goede coach, zegt hij. De oud-bondscoach van het shorttrack is tegenwoordig coach van de coaches bij NOC*NSF. Hij staat bekend om zijn onorthodoxe methodes; deinst er niet voor terug om sporters fysiek en mentaal uit te dagen. ‘Dat helpt om belemmerende gedachten te doorbreken. Je kunt zoveel meer dan je denkt.’ Otter is een van de sprekers tijdens het Jaarcongres Teamcoaching, op 12 november 2026.
Dit interview in 30seconden
- Coach Jeroen Otter daagt sporters fysiek en mentaal uit om beperkende gedachten te doorbreken.
- Hij deelt anekdotes over onorthodoxe trainingsmethodes die atleten helpen hun grenzen te verleggen.
- Otter benadrukt het belang van gedeelde waarden in een team en de rol van de coach hierin.
- Als coach van coaches bij NOC*NSF richt hij zich ook op het welzijn van coaches zelf.
- Organisaties kunnen leren van topsport door rekening te houden met de energie en capaciteiten van medewerkers.
Fietsen over het Pieterpad
Jeroen Otter dist met groot plezier anekdotes op uit zijn rijke verleden als coach. Zo vertelt hij met smaak over een trainingskamp in Papendal aan de vooravond van de spelen van Bejing. Hij maakte de ene helft van zijn team om half vijf in de ochtend wakker en liet ze naar Groningen brengen vanwaar ze via het Pieterpad zuidwaarts moesten mountainbiken. Wat later zette hij de andere helft op de trein naar Maastricht en liet ze vanuit daar steppen naar het noorden via datzelfde Pieterpad, hemzelf incluis. Beide teams had hij verteld dat de andere helft hun paspoort had moeten meenemen. ‘Ze mochten geen telefoon mee, konden niet op social media en hadden het idee dat ze de unlucky ones waren. De anderen waren misschien wel op Curaçao, dat idee was onverdraaglijk. Uiteindelijk kwamen de teams elkaar tegen op dat Pieterpad. En leerden ze hoe makkelijk het is om je door gedachten mee te laten slepen en hoe krachtig het zou zijn om dat juist in je voordeel te laten werken.’
Ook liet hij eens, in 2011, een team terugfietsen vanaf een trainingskamp in de Pyreneeën naar Heerenveen. ‘Het liep toen nog niet zo goed met het shorttrack. Ik wilde de atleten meer geloof geven. Want alles wat we hoorden was: Nederlanders zijn niet geschikt voor shorttrack, we zijn te groot, te lomp, te Europees, het is meer iets voor Aziaten. Toen zei ik tegen mijn atleten: “Ik heb geen vliegtickets terug naar huis, wij gaan 1.700 kilometer fietsen”. En shorttrackers zijn sprinters hè, die zagen daar vreselijk tegenop. Uiteindelijk merkten ze dat ze het konden, dat hun grenzen veel verder weg lagen dan ze dachten. Het onbekende is niet per definitie onmogelijk. Als je de ogenschijnlijk eenvoudige opdracht van 1.700 kilometer fietsen als bijna onmogelijk bestempelt, hoe kunnen we dan in drie jaar op de Spelen van Sochi 2014 meedoen om de knikkers? Waar ligt de grens van jouw gedachten en van jouw kunnen; dat besef, daar ging het mij om.’
Het onbekende is niet per definitie onmogelijk
Jeroen Otter
Een goede coach kent zijn of haar essentials
Heb je weleens gedacht: het was te zwaar?
‘Het was vaker de omgeving die er wat van vond. Onacceptabel, te extreem, wat als er iets gebeurt; dat soort geluiden. Maar ik coach sinds 1992 en heb dit altijd zo gedaan. En het mooie is, sporters zeggen nooit tegen me: weet je nog dat we goud wonnen? Maar ze zeggen wel: weet je nog Jeroen, toen met die steps en die mountainbikes? De verhalen zitten altijd in de weg ernaar toe en bijna nooit in het doel zelf. Het is natuurlijk zo dat je als coach ontzettend veel invloed op het leven van sporters hebt en dat besef je niet altijd. Er kwam laatst een Amerikaanse atlete die ik jarenlang gecoacht heb naar me toe. En ze zei: “Otter, het heeft me anderhalf jaar gekost voordat ik besefte dat ik zelf mijn dag mocht indelen”. Ik had dagelijks van zeven uur tot zeven uur haar leven ingericht.’
Een goede coach, zegt Otter, kent zijn of haar eigen essentials, de fundamenten waarop het trainingsprogramma staat. ‘Dat doet elke coach op z’n eigen manier, iedereen kan z’n eigen essentials hebben. Maar ik verwacht wel dat je ze kunt benoemen en ik zou dat ook aan leidinggevenden in bedrijven willen meegeven. Waar is je leiderschap op gestoeld? Dat te weten hielp mij enorm in die 1.445 dagen tot de volgende Olympische Spelen. Een van mijn essentials is de waaromvraag; de zingeving die er achter zit. Die vraag kun je in het bedrijfsleven eveneens stellen: wat maakt het dagelijkse werk belangrijk en zinvol voor je werknemers? Dat kun je ze best vragen.’
En wat is die zingeving dan voor een atleet? Behalve winnen?
‘Als een jonge atleet me zou vertellen dat zijn enige doel is om een Olympische medaille te bemachtigen dan zou ik zeggen: nou die dingen zijn niet zo duur, ik kan er eentje voor je laten maken. Dat scheelt mij 2,5 ton aan trainingskosten. Natuurlijk willen ze winnen, maar het gaat om zoveel meer dan dat. Het is erkenning en waardering voor het werk dat ze doen, de offers die ze brengen voor de sport waar ze zo ongelooflijk veel van houden. Schaatsers vertellen me hoe ze genieten als ze de wind door hun haren voelen, hoe ze de kracht op hun benen ervaren. Dat maakt het de moeite waard.’
Gedeelde waarden binnen het team
Een ander belangrijk fundament noemt Otter gedeelde waarden die door iedereen in het team herkend worden. ‘Stel: ik kom een week bij jou op kantoor, herken ik dan jullie drie belangrijkste waarden. Wat proef ik daar op de werkvloer, tussen mensen? Ik hoop dat als mensen bij Thialf in Heerenveen komen, dat ze dan proeven dat het gaat om respect, samenwerken en excelleren.’
Waar zou ik dat aan merken als ik een training bijwoon?
‘Wij trainen als groep en als iemand een opmerking heeft dan wordt er geluisterd, ook als die van een 18-jarige nieuweling komt. Dat jonkie is weliswaar niet gelijk aan degene al drie gouden medailles heeft gescoord, maar zijn vragen en opmerkingen zijn wél relevant en die ruimte moet er wel zijn. En het is aan mij als coach om zo’n stem soms wat extra kracht te geven.’
Hoe ga je om met ego’s?
‘Er moet een gemeenschappelijk doel zijn dat iedereen kent en er moeten onderlinge afhankelijkheden zijn die gevoed en gevoeld worden. De sterspeler moet zich er van bewust zijn dat het een vier jaar lange reis is en dat hij zichzelf ook alleen maar heeft kunnen ontwikkelen dankzij anderen. En ja, dat moet soms wel even benoemd worden. Dan neem je iemand apart en dan spreek je daarover.’
Coach van de coaches
Drie jaar geleden stapte Otter over naar een nieuwe functie. Hij werd coach van de coaches bij het High Performance Team van NOC*NSF met als doel om topsportcoaches te versterken, los van hun sporttechnische kennis. Een van zijn doelen is het welzijn van de coach. ‘Coaches zijn uiteraard heel erg bezig met hun atleten. Die moeten optimaal aan de start verschijnen. In dat proces kun je jezelf makkelijk vergeten. Maar als je niet goed voor jezelf zorgt, maak je dan in die split second wel de juiste strategische keuze? Ben je dan wel de beste versie van jezelf? Iedereen is in geweldige vorm, maar de coach dan?’
Als je niet goed voor jezelf zorgt, maak je dan in die split second wel de juiste strategische keuze? Ben je dan wel de beste versie van jezelf? Iedereen is in geweldige vorm, maar de coach dan?
Jeroen Otter
Hoe doe je dat dan?
‘Het helpt om op elkaar te letten en daar afspraken over te maken. Stel je zit als staf na te praten in het hotel en er komt een wijntje op tafel. En dat gaat elke avond zo. Dat heeft invloed op de kwaliteit van je slaap en dat effect stapelt op. Slaaptekort is slecht voor je cognitieve capaciteiten terwijl je dat zelf niet direct doorhebt. Je dénkt dat je net zo scherp bent als altijd. Kun je elkaar dan aanspreken? Je hebt een buddy nodig, een wingman. In het bedrijfsleven moet dat niet anders zijn denk ik. Heb je de structuur zo bepaald dat er op iedereen gelet wordt?’
Wie lette er op jou?
‘Dat was vaak de assistent-coach. Pieter Gysel deed dat bijvoorbeeld goed. Dan hadden we een ochtendtraining gedaan en zaten we daarna in Thialf in het kantoortje met een flinke bult werk voor de boeg. Dan kon hij zomaar zeggen: kom Otter, we gaan fietsen. En dan zei ik: nee joh, ik heb nog veel te doen. Maar dan stond m’n fiets al klaar, gingen we toch twee uur fietsen en konden we evengoed van alles bespreken. Hij voelde aan wanneer ik dat nodig had en ik kon het ook aannemen.’
Wat herken jij sneller: schaatstalent of coachtalent?
‘Schaatsen. Naar welke sport ik ook kijk, ik kan snel zien of iemand een getalenteerd beweger is. Ik herken sneller de sporter voor z’n kwaliteiten dan de coach, maar als ik een dagje meeloop dan heb ik wel snel door hoe een coach opereert. Het allerbelangrijkste is oren en ogen hebben voor wat er op het veld gebeurt. Bij minder ervaren coaches zie ik vaak, vanuit onzekerheid, een directieve manier van coachen, ze komen net zelf uit de topsport en stralen uit: dit moet gebeuren. Een ervaren coach heeft feeling voor de behoeften van het team en de individuele teamleden.’
Coaches beter maken
Hoe maak jij coaches echt beter?
‘Mijn insteek is zorgen dat de coaches van elkaar leren, optimaal aan kennisoverdracht kunnen doen. Het voordeel is dat we een klein land zijn, ik kan iedereen in Utrecht bij elkaar roepen en dan kunnen we elkaar in de ogen kijken en vanuit verschillende perspectieven een uitdaging aangaan. Ik wil ook graag dat ze dingen delen die niet goed gegaan zijn. Soms maak je nu eenmaal de verkeerde strategische afspraken of je hebt niet het optimale team samengesteld of een staflid aangenomen dat tegenvalt. En ja, ik heb innovaties geïntroduceerd die nog steeds gebruikt worden, maar soms heeft mijn innovatiedrang precies nul bijgedragen aan de wedstrijd.’
Zoals ik het zie staan werknemers in het bedrijfsleven constant “aan”. Er is geen topsporter die dat doet. Atleten werken hard, maar ze rusten ook hard.
Jeroen Otter
Je spreekt met regelmaat op congressen, wat kunnen organisaties nou echt leren van topsport?
‘Zoals ik het zie staan werknemers in het bedrijfsleven constant “aan”. Er is geen topsporter die dat doet. Atleten werken hard, maar ze rusten ook hard. Je zou in het bedrijfsleven meer rekening met de energie van mensen kunnen houden. Ik was eens bij een groot exportbedrijf en ik vroeg of ze wisten of hun medewerkers ochtendmensen of avondmensen waren. Ze hadden geen idee. Maar als je met New York onderhandelt, dan moet je iemand hebben die scherp is in onze namiddag. Diezelfde persoon zou ik niet de onderhandelingen met China laten doen, dan kan je beter een ochtendmens vragen. Let goed op wat mensen aankunnen en monitor dat. Waar is deze persoon deze ochtend en deze middag toe in staat? Kan hij er een klus bij hebben of moeten we iets van z’n bord halen? Als je daar niet naar vraagt als bedrijf, dan krijg je per definitie een suboptimaal resultaat. Dan kun je wel meedoen aan het WK, maar je zult het Wilhelmus nooit horen.’
Over Jeroen Otter
Jeroen Otter werd wereldkampioen shorttrack en vertrok na zijn actieve carrière als coach naar de Verenigde Staten. In 2010 werd hij bondscoach van de Nederlandse shorttrack. Dat groeide onder zijn leiding uit tot een wereldmacht met grote successen. In 2022 werd Jeroen Otter uitgeroepen tot Coach van het Jaar en sinds 2023 vervult hij de rol van coach van de coaches bij NOC*NSF. Hij spreekt op het Jaarcongres Teamcoaching op donderdag 12 november 2026. Erbij zijn? Schrijf je hier in >>>
Door: Jannie Benedictus








