Een boek schrijven is één ding, het loslaten ervan iets heel anders. In deze persoonlijke blog reflecteert Marianne Janssen op de periode na het verschijnen van Lieve leiders,. En die reflectie blijkt ook weer een spannend-spiegelende relatie te hebben met de inhoud van haar boek.

Het is begin november. Ik heb een lunchafspraak met Isabelle, een van mijn ‘meelezers’. Ze was op vakantie toen mijn boek in september het levenslicht zag. Vandaag krijgt ze alsnog een gesigneerd exemplaar. ‘Hoe gaat het nu met je?’ vraagt ze. ‘Ik ben doodmoe,’ zeg ik, ‘en ook snel geraakt.’ Met een half-geslaagde poging tot een kwinkslag vertel ik dat het lijkt alsof ik echt ben bevallen, na negen maanden intensief werken aan de totstandkoming van mijn boek. Een boek dat ook nog eens is ontstaan uit ‘barensnood’, zoals ik dat zelf altijd heb genoemd. En dat het nu voelt alsof ik aan het ontzwangeren ben. Isabelle neemt mijn ‘grap’ serieus. Want als kersverse moeder herkent ze het meteen. ‘Doe de komende tijd een beetje rustig aan!’ zegt ze. Het maakt dat ik mijn opkomende tranen met een wat lichter gevoel kan wegslikken.
De laatste weken van het jaar heb ik haar advies netjes opgevolgd. Maar vlak na de verschijning van ‘Lieve leiders,’ zat ik nog in de hoogste versnelling: pers benaderen, interviews geven, zoveel mogelijk reuring proberen te creëren. Omdat ik ervan uit ging dat dat zo moest: zo snel mogelijk zo veel mogelijk aandacht genereren. Proberen op te vallen tussen de andere boeken die in diezelfde periode verschijnen. Dán moet het gebeuren, anders verdwijnt het momentum. Een week na het gesprek met Isabelle vertel ik aan mijn boekenclub-vrienden wat me is overkomen. De spanning die ik voelde tussen wat ‘de markt’ vraagt en waar ik zelf voor sta. ‘Dat is toch precies waar je boek over gaat,’ zegt Joris.
Zo zie je maar. Je schrijft een boek over de prestatiedruk die we onszelf en elkaar opleggen en voor je het weet tuin je er zelf weer in. Want systemen zijn hardnekkig en het valt niet mee om in je eentje tegen de stroom in te gaan. Bovendien wil ik het gedachtengoed van mijn boek natuurlijk breed verspreiden. En daar heb je die systemen deels weer voor nodig. Het is dan ook de kunst om je op een goede manier tot die spanning te verhouden. Bijdragend aan wat je wil bereiken, maar zonder jezelf geweld aan te doen. En dat is telkens weer een zoektocht.
Zo kwam ik er al snel achter dat mensen ‘Lieve leiders,’ een ‘blijvertje’ vinden, een ‘standaardwerk’ als ik het steviger formuleer. ‘Een boek wat je blijft herlezen,’ zei iemand. ‘Het gaat minstens tien jaar mee,’ zei een ander, ‘want het is zo’n belangrijk thema, waar we al tijden mee worstelen, en jij geeft daar concrete handreikingen voor.’ Ik merkte ook dat mensen die het hadden gelezen het boek meteen aan anderen tipten of cadeau gaven. Zo zou het ook zichzelf gaan verspreiden. Persoonlijke aanbevelingen, daar kan geen promotiecampagne tegenop.
Kortom, ik nam niet alleen wat rust, maar besloot ook om de aandacht voor ‘Lieve leiders,’ gewoon te doseren. Tegen de gangbare mores in. En zoals ik in mijn boek al schrijf: daar heb je een beetje moed voor nodig en vooral ook hulp en steun van anderen. Check.
Maar mijn ambitie is er intussen niet minder op geworden, want het boek is geen eindpunt, maar een begin (vandaar ook de komma in de titel). Omdat lieve leiders harder nodig zijn dan ooit (en die zijn overigens allesbehalve ‘soft’). Want teveel mensen worden ziek of vertrekken. Omdat ze menselijkheid, duidelijkheid of verantwoordelijkheid missen. Je hoeft er de krant maar op na te slaan. Gelukkig kan ieder van ons hier verandering in aanbrengen en niet alleen als je ergens ‘baas’ bent. Natuurlijk, in een leidinggevende positie heb je de mogelijkheid om je positieve stempel te drukken. Maar we kunnen allemaal meer liefde en lef tonen op ons werk en in ons leven. En samen sta je sterk.
Meestal ben ik niet zo van de goede voornemens aan het begin van het jaar. Maar nu vallen plannen en moment toevallig samen. Want uitgerust en vol energie heb ik me voorgenomen om zo veel mogelijk mensen te laten aanhaken op ‘lief leiderschap’. Mensen die het net als ik anders willen, met meer liefde en lef, met meer menselijkheid en moed. Mensen die daar samen met anderen aan willen werken. Daar ga ik de komende tijd op drie manieren mee aan de slag. Zo help ik leidinggevenden in (grotere) organisaties op gang, die met elkaar ‘liever leiderschap’ nastreven. Daarnaast ga ik ervoor zorgen dat het onderwerp in managementopleidingen de plek krijgt die het verdient. En last but not least: samen met een paar enthousiastelingen start ik binnenkort een lieve-leiders-beweging: een steeds groter wordende groep mensen in allerlei rollen en uit allerlei hoeken van de samenleving die met lief leiderschap verschil willen maken. Omdat het harder nodig is dan ooit. Niet alleen in organisaties, maar ook in de samenleving als geheel.
Toch?
Door: Marianne Janssen
Marianne Janssen is auteur van Lieve leiders – Voor bazen die beter willen. Zij vervulde jarenlang management-, advies- en personeelsdirectiefuncties in verschillende internationale organisaties. Met haar tas vol professionele kennis en doorleefde ervaring begeleidt ze nu leidinggevenden en teams bij leiderschaps- en verandervraagstukken. Persoonlijk, nuchter en concreet.



