Beste Leike,
In Onmacht stonden we uitgebreid stil bij het neoliberalisme, de ideologie die ervan uitgaat dat het marktmechanisme superieur is om kosten te drukken, efficiency af te dwingen en dienstverlening te verbeteren. Voorzieningen die voorheen door nutsbedrijven en andere publieke organisaties gedaan werden, moeten daarom aan marktwerking worden blootgesteld. Ze zouden er veel beter door worden: van stroom tot spoorwegen en van huisartsbezoek tot het loodswezen, de staat droeg over naar de markt en hield vervolgens toezicht met autoriteiten. Samenwerking maakte plaats voor competitie als motor van de geschiedenis.
In mijn hoofd was het neoliberalisme een soort voortzetting van het kapitalisme op terreinen die voorheen door de staat werden bepaald. Daarmee schoof het klassieke begrip kapitalisme een beetje naar de achtergrond van mijn bewustzijn.
Maar onlangs begon dat zich weer wat op te dringen in relatie tot onze waanzinnige afhankelijkheid van ‘big tech’. We zien pogingen om jongeren minder afhankelijk te maken van de socials, we zien rechtszaken tegen de verslavingsalgoritmes van diezelfde socials en we zien zorgen over het eigendom van DigiD. We zien een strijd tussen Trump en Europa over de vraag of Europa zelf regels mag stellen rond digitalisering.
Embedded techbro’s
Tegelijkertijd zien we in Amerika dat de techbro’s in het Witte Huis embedded worden. We zien hun loyaliteit aan Hem om door te stoppen met moderatie op socials en door het kaltstellen van onafhankelijke redactionele inhoud in hun kranten of zenders. We zien een president die geen moeite doet om zakelijke belangen te scheiden van politieke of bestuurlijke keuzes. Integendeel: persoonlijk kapitaalbelangen en die van zijn matties lijken identiek te zijn geworden met het landsbelang.
Nog niet zo lang geleden hadden we de democratische rechtstaat als een gezamenlijke superorganisatie die de markt kon reguleren, kon verbieden en stimuleren, belasting kon heffen op basis van wat we eerlijk vonden. Op dat punt was de staat sterker dan de markt, ten dienste van het algemeen nut.
Staat geregeerd door de markt
Maar gaandeweg lijkt her erop dat de staat wordt geregeerd door de markt in plaats van andersom. Neem nu het nieuwe regeerakkoord. Alle extra uitgaven voor defensie en stikstofafbouw worden neergelegd bij werkende mensen. Bedrijven en vermogenden worden gespaard vanwege het ondernemersklimaat. Het grootkapitaal heeft een krachtige lobby om te zorgen dat hun belangen niet worden geraakt. Blijkbaar zijn partijen zo bang dat het grootkapitaal het hier niet meer naar zijn zin heeft, dat het niet aangepakt wordt. Wie is er eigenlijk dan nog de baas? De democratie of het grote geld?
Debatten in de kamer lijken daarmee steeds meer op ‘arranging deckchairs on the Titanic’: ze lijken over belangrijke inhoud te gaan, maar de dreigende ramp die eronder schuilgaat komt niet aan de orde. Die echte ramp: nadat we samenwerken vervingen door concurrentie, vervangen we nu concurrentie door monopolie…
De werkelijke keuzes voor onze toekomst lijken te worden gemaakt in bestuurskamers van de kapitalisten.
Groet, Jaap
PS: Wist jij dat het bordspel Monopoly ontwikkeld werd om te waarschuwen tegen monopolievorming?
Door: Jaap van ’t Hek
Veranderkundigen Leike van Oss en Jaap van ’t Hek schreven samen veel boeken over verandermanagement en veranderkunde, zoals Onmacht,en Onderweg . Daarnaast schrijven ze elkaar brieven. Hun nieuwste boek heet Wederopbouw.





