Wie wil er nu niet efficiënt zijn? Het klinkt professioneel, rationeel en verstandig. Efficiëntie suggereert overzicht, controle en besluitvaardigheid.

Eerst richting, dan efficiëntie
Er was een periode waarin ik diep onder de indruk was van mensen die hun leven ogenschijnlijk strak georganiseerd hadden. Ze leken te weten wat ze deden, waarom ze het deden en wanneer iets klaar was. Hun agenda’s klopten, hun keuzes leken consistent en zelfs hun kleding straalde besluitvaardigheid uit. Ik speelde serieus met de gedachte om, net als Steve Jobs, elke dag dezelfde coltrui te dragen.
Slimmer plannen, strakker organiseren en meer doen in minder tijd: het heeft iets onweerstaanbaars. Toch zie ik bij veel professionals en leiders met wie ik werk hetzelfde patroon ontstaan. Ze rennen zeer efficiënt… steeds verder weg van wat er werkelijk toe doet.
Efficiëntie vergroot vooral wat je al aan het doen bent. Ze versnelt bestaande patronen en maakt je beter in doorgaan, bijhouden en uitvoeren. Maar ze stelt zelden de vraag die er eigenlijk toe doet: is dit überhaupt de juiste richting?
De verborgen kant van efficiëntie
Waarschijnlijk herken je dit. Je begint de dag met het idee dat je eindelijk tijd hebt voor iets belangrijks. Dat strategische stuk. Dat lastige besluit. Dat gesprek dat al weken blijft liggen. Maar eerst nog even je inbox leegmaken. Een paar mails beantwoorden, een appje terugsturen, nog iets afvinken. Tien minuten later voelt het alsof je lekker bezig bent.
En ergens klopt dat ook. Productiviteitsboeken, apps en podcasts hebben ons namelijk één ding uitstekend geleerd: hoe we steeds efficiënter kunnen reageren op alles wat op ons afkomt. Inbox zero. Time blocking. Nog een tool om je taken te organiseren. Allemaal nuttig.
Maar ondertussen gebeurt er iets subtiels. De lijst wordt niet korter, hij wordt voller. Efficiëntie versterkt vooral één ding: actie. Hoe beter je wordt in reageren, oplossen en afvinken, hoe meer er op je afkomt. Efficiëntie maakt je productiever, maar niet per se wijzer.
Waarom efficiëntie zo aantrekkelijk is
Achter onze fascinatie voor efficiëntie zit ook een neurologische verklaring. Elke keer dat je iets afrondt, gebeurt er iets kleins maar krachtigs in je brein: dopamine. Een taak afvinken voelt goed. Een probleem oplossen voelt goed. Een mail binnen twee minuten beantwoorden voelt goed.
Denken, vertragen of kiezen levert die directe beloning niet op. En dus gebeurt er iets voorspelbaars. We gaan steeds vaker voor wat direct resultaat oplevert. Voor wat zich aandient en snel kan worden afgerond. Actie wordt beloond, en wat beloond wordt, doen we vaker.
Op zichzelf is daar niets mis mee. Problemen oplossen hoort bij werk. Reageren op vragen ook. Maar wanneer de druk toeneemt, gebeurt er iets interessants. In plaats van minder te doen, gaan we juist méér doen. We proberen grip te houden door sneller te reageren, meer problemen op te lossen en nog iets harder te werken. En precies daar ontstaat wat ik de drukteparadox noem.
Wat is de drukteparadox?
De drukteparadox is het mechanisme waarbij je onder druk steeds meer gaat doen om grip te houden, terwijl juist dat het vermogen ondermijnt om te kiezen waar je je tijd, aandacht en energie werkelijk aan wilt geven.
Je blijft bezig. Je blijft oplossen. Je blijft reageren. Maar ondertussen wordt het steeds lastiger om stil te staan bij een andere vraag: waar wil ik eigenlijk mijn tijd aan besteden? In mijn boek Van Rennen naar Kiezen werk ik deze dynamiek verder uit en onderzoek ik waarom juist slimme, betrokken professionals zo gemakkelijk in dit patroon terechtkomen.
Herken de drukteparadox in je eigen werk
Herken je de drukteparadox in je eigen werk of organisatie? Let er de komende dagen eens op wanneer het gebeurt. Niet in de grote strategische keuzes, maar juist in de kleine momenten van je dag: .
- Wanneer je reflexmatig je mail opent.
- Wanneer je nog “even snel” iets oplost.
- Wanneer je een taak oppakt die urgent voelt, maar niet echt belangrijk is
Dat zijn vaak precies de momenten waarop de drukteparadox actief is. Drie kleine experimenten die je kunt proberen:
1. Stel één keer per dag een andere vraag
Niet: wat moet ik nog doen?
Maar: welk besluit stel ik eigenlijk uit?
2. Vraag minimaal één keer per dag: wie moet dit eigenlijk oplossen
Veel drukte ontstaat omdat we onszelf zelf te snel eigenaar maken van ‘problemen’.
3. Kies één ding dat vandaag leidend is
En laat de rest even wachten.
Geen nieuw systeem. Geen nieuwe app. Alleen een korte onderbreking van de reflex om steeds maar te reageren.
Voorpublicatiereeks Druk zijn is geen strategie
De drukteparadox gaat zelden over tijd. Het gaat over aandacht. En uiteindelijk over kiezen. In mijn boek Van Rennen naar Kiezen onderzoek ik waarom juist slimme, betrokken professionals zo gemakkelijk in dit patroon terechtkomen en hoe je weer ruimte kunt maken om bewust richting te bepalen.
Herken je iets van de hierboven geschetste patronen in je eigen werk of organisatie? In aanloop naar de publicatie van mijn boek verzorg ik een exclusieve voorpublicatiereeks van lezingen en workshops onder de titel: Druk zijn is geen strategie – Waarom we niet overbelast zijn, maar onderbeslist.
In een interactieve setting krijg je een scherp verhaal, een kritische spiegel en concrete handvatten die helpen bij besluitkracht. Meer weten? Stuur een mail naar hallo@albertgoldsteen.nl.
Door: Albert Goldsteen. Hij is ondernemer, mentor en auteur van het boek Van Rennen naar Kiezen – Druk zijn is geen strategie. Hij begeleidt ondernemers, leiders en managementteams bij het versterken van besluitkracht en het doorbreken van patronen van onderbeslist leiderschap.



